Mentale houding

De factor ‘mentale houding’ heeft eigenlijk de grootste invloed op het hanteren van een goed klassenmanagement.

Twee elementen

Het begrip ‘mentale houding’ bestaat uit twee elementen:

  1. alertheid
  2. emotionele objectiviteit.

 

Alertheid

De populaire term van ‘alertheid’ is ‘mindfulness’. Het gaat om het vermogen om bewust te zijn van de omgeving en adequaat te reageren op wat er in de omgeving gebeurt. In een klassensituatie is het belangrijk om probleemgedrag snel en accuraat te signaleren en daarop te reageren. Soms lijkt het misschien alsof deze vaardigheden niet aan te leren zijn. Maar u kunt weldegelijk gericht hier aan werken (zie het tabblad handelen).

 

Emotionele objectiviteit

Het tweede element van mentale houding is ‘emotionele objectiviteit’. Dit betekent dat de leraar er op toe ziet dat de regels en routines nageleefd worden en dat hij bij overtreding hiervan snel en accuraat reageert. Wanneer de leraar reageert, is het belangrijk dat hij niet écht emotioneel wordt. Hij moet zich niet laten meeslepen door het moment. Een beginnende leraar wil nog wel eens zijn best doen om aardig gevonden te worden. Deze leraren hebben vaak moeite met het stellen en hanteren van regels en routines. Tot op een bepaald moment ‘de bom barst’ en de leraar echt kwaad wordt. Voor een goed klassenmanagement is het belangrijk om een professionele houding aan te nemen en negatieve emoties (zoals boosheid) niet aan de leerlingen te laten merken.

 

Actiestappen

 

  1. Pas specifieke strategieën toe om bewustzijn van wat in de groep gebeurt te verhogen (alertheid).
    • onmiddellijk reageren;
    • problemen voorspellen;
    • een ervaren leraar observeren (of geobserveerd worden door een ervaren leraar).
  2. Pas specifieke strategieën toe om een gezonde emotionele objectiviteit te bewaren ten aanzien van de leerlingen:
    • zoeken naar achterliggende redenen/herkaderen;
    • controle uitoefenen op eigen gedachte van negatief naar positief;
    • goed voor uzelf zorgen.

Bij handelen werken we actiestap 1 verder uit.

Alertheid

 

Onmiddellijk reageren

Zorg dat u zich bewust bent van wat in de groep gebeurt en hier onmiddellijk op te reageren. Laat regelmatig uw blik over de groep dwalen en scan wat er gebeurt. Neem hiervoor tijdens de les heel bewust even de tijd.

Vindt u het lastig om alert te zijn, probeer de volgende suggesties eens:

  • Loop door het lokaal en sta in ieder deel even stil.
  • Kijk regelmatig aandachtig naar de gezichten van de leerlingen en maak zo nodig oogcontact.
  • Let vooral op incidenten of gedragingen die tot onrust kunnen leiden.
  • Maak oogcontact met leerlingen die bij dit incident of gedrag betrokken zijn.
  • Ga eens dichter bij leerlingen staan die bij incidenten betrokken zijn (op het moment dat het incident zich voordoet).
  • Wanneer het incident of probleemgedrag aanhoudt, kunt u de leerling aanspreken. Doe dit zo veel mogelijk privé.

 

Problemen voorspellen

U kunt alert zijn oefenen door meer bewust problemen in de groep te voorspellen. Denk bij uw lesvoorbereiding al na over wat er mis kan gaan en op welke manier u dat gaat aanpakken. U kunt van tevoren bijvoorbeeld al rekening houden met specifieke behoeften van leerlingen. Zo kunt u voor een

  • hyperactieve leerling bijvoorbeeld ‘beweegmomenten’ in de les inbouwen, zodat u probleemgedrag voorkomt.
  • faalangstige leerling een duidelijke verbinding maken met eerder geleerde kennis, zodat deze leerling met vertrouwen de les kan starten.

 

Ervaren leraar observeren

U kunt uw alertheid ook trainen door het observeren van een meer ervaren leraar.  Als het mogelijk is om eens bij een meer ervaren leraar te gaan kijken, is dit een waardevolle manier om vaardigheden te observeren. Na afloop van zo’n observatie kan het fijn zijn het geobserveerde samen door te spreken. Eventueel kan de meer ervaren leraar vervolgens in uw eigen klas komen kijken om tips en trucs uit te wisselen.

Onmiddellijk reageren

Laatste les

Denk terug aan de laatste keer dat u voor de klas stond. En bedenk in welke mate u alert was op het signaleren van mogelijke problemen en hoe u hier op reageerde. Noteer dit.

Bedenk vervolgens wat u anders aan had kunnen pakken.

 

Problemen voorkomen

Haal een les voor de geest waarbij u voorkomen heeft dat er problemen in de klas ontstonden, doordat u op tijd alert was op de situatie die aan het ontstaan was. Bedenk welke handelingen van u hiertoe bijgedragen hebben. Noteer dit.

 

Uit de hand gelopen …

Haal een les voor de geest waarbij problemen in de klas ontstonden doordat u niet alert genoeg was op voortijdige signalen. Noteer wat er mis is gegaan.

Bedenk vervolgens wat u anders aan had kunnen pakken.

 

Ervaren Leraar observeren

Vraag of u bij een ervaren collega in de klas mag observeren of een filmopname mag maken. En bekijk hoe deze leraar zorgt dat hij alert is op het ontstaan en voorkomen van problemen.
Vul vervolgens een Venndiagram in waarbij u de overeenkomsten tussen uw aanpak en die van uw collega inzichtelijk maakt.

Bekijk vervolgens het ingevulde Venndiagram en trek voor uzelf een aantal conclusies.

Venndiagram om uzelf en uw collega te vergelijken in de aanpak om alert te zijn en onmiddellijk te reageren op potentiele probleemsituaties.

Venndiagram om uzelf en uw collega te vergelijken in de aanpak om alert te zijn en onmiddellijk te reageren op potentiele probleemsituaties.